#03 Tussentijds Ontwaken

Het ontwerpend onderzoek Tussentijds Ontwaken staat in het teken van de ‘lege’ en onbestemde ruimtes die veelal rond grote ontwikkellocaties te vinden zijn. Onderzocht is hoe de kracht van deze sluimerplekken via tijdelijk gebruik ingezet kan worden voor de ontwikkeling van de stad. Het project bestaat uit twee delen: een manifest dat ingaat op de benodigde mentaliteit voor het waarlijk gebruik van de tussentijd en een casus in de Tilburgse Spoorzone. De belangrijkste stelling is dat tijdelijk gebruik van tussentijdlocaties op twee schaalniveaus betekenis moet hebben. De tijdelijke ingreep moet zich wortelen in het lokale krachtenveld en de eigenheid van de plek, aanhakend op een lokale urgentie, maar tevens dienen de ingrepen gezamenlijk bij te dragen aan een bovenlokale urgentie, behoefte of probleem.

Met een manifest wordt een waarlijk gebruik van de tussentijd bepleit, vanuit een intens begrip van de stad. Tevens wordt beargumenteert dat sluimerplekken de potentie hebben om op grotere schaal een bijdrage te kunnen leveren aan de stadsontwikkeling. Hiertoe is het nodig de aanwezigheid van dit soort tussentijdruimtes te beschouwen als een permanent verschuivend systeem is, dat eigen is aan het ‘stad zijn’. Het manifest benoemt zeven principes die de methodiek beschrijven om tot de gewenste tussentijdmentaliteit te komen. Deze principes vormen geen stappenplan dat je aan de hand meeneemt. Het is veel meer te lezen als een choreografie, waarvan de onderdelen innig met elkaar verweven zijn, parallel lopen en soms cyclisch van aard zijn. Als een aanpak waarbij voortschrijdend inzicht kan leiden tot een herziening van eerder gezette stappen of tot een beïnvloeding van toekomstige. Dit manifest is bedoeld voor de ruimtelijke professional die vanuit een intens begrip van de stad de sluimerplekken van een waarlijke tussentijd wil voorzien – bij voorkeur een partij zonder direct belang in de betreffende casus om zo vanuit een zo puur mogelijk perspectief de lokale aan de bovenlokale urgentie te kunnen koppelen en om dubbele agenda’s te voorkomen.

  1. Erken de aanwezigheid van ‘tussentijd’ en ‘sluimerplekken’ als stedelijk fenomeen.
  2. Formuleer de urgentie op bovenlokaal niveau.
  3. Onderzoek de kracht en het krachtenveld van de sluimerplekken en extraheer de lokale urgentie.
  4. Benut de sluimerplekken met tijdelijk gebruik – aanhakend op de ‘couleur locale’ – en verknoop dit met de stedelijke urgentie.
  5. Laat een voorstel voor tijdelijk gebruik leunen op drie elementen: ruimtelijke ingreep, programma en lokale samenwerkingsverbanden.
  6. Creëer gelegenheidscoalities en zoek naar passende rolpatronen voor de spelers. Gebruik daartoe argumenten ‘op maat’.
  7. Bied perspectief op doorontwikkeling van de tijdelijke ingreep.

De methode is getest in een exemplarische casus: het randgebied rond de spoorzone in Tilburg. De spoorzone is een gebied dat lange tijd ontoegankelijk was, omsloten door hekken en muren, dat een blinde vlek vormt op de mentale kaart van Tilburg. Nu wordt dit gebied grootschalig ontwikkeld. Rond de spoorzone is een scala aan sluimerplekken te vinden. Via een combinatie van top-down en bottom-up onderzoek zijn de potenties en het krachtenveld van de aanwezige sluimerplekken in beeld gebracht. Tevens is op stedelijke schaal een behoefte ontbloot naar hechting tussen de nieuwe spoorzone en de bestaande stad erom heen. Want wil de spoorzone een wezenlijk onderdeel van Tilburg worden, dan zal het gebied op de mentale kaart van de Tilburgers moeten komen.

Het project stelt een strategie voor die de sluimerplekken via tijdelijk gebruik laat samenwerken in een stedelijke structuur om deze hechting te bevorderen. Deze structuur maakt gebruik van culturele programmering, aanhakend op het feit dat cultuur als een fundament onder het Tilburgse leven ligt. Hiertoe wordt voor vier plekken – twee binnen de spoorzone en twee erbuiten en alle vier strategisch gelegen tussen culturele dragers – een voorstel gemaakt tot tijdelijk gebruik. Op lokale schaal versterkt het tijdelijk ontwerpvoorstel de betekenis van de sluimerplek in het alledaagse leven van de gebruikers en omwonenden. Tegelijkertijd genereert de ruimtelijke toevoeging de mogelijkheid om de vier sluimerplekken op momenten cultureel te programmeren, om ze zo op stedelijk niveau samen te laten werken. Deze culturele ‘oplichtmomenten’ rijgen de stadsdelen op de mentale kaart aan elkaar – diagonaal, van Theresia door de Spoorzone naar het centrum.

De resultaten van het project zijn als pdf-boekjes beschikbaar:
– Manifest voor een waarlijke tussentijd
– Casus Tilburg

Dit ontwerpend onderzoek wordt mogelijk gemaakt door het Stimuleringsfonds voor Architectuur, de Provincie Noord-Brabant en de gemeente Tilburg. Het project is uitgevoerd door Studio Papaver, een samenwerkingsverband tussen Anne Seghers en Zineb Seghrouchni. Het project is medio 2012 afgerond.